woensdag 22 april 2015

Peerfeedback

Voor de Challenge day heb ik feedback gehad van Wyb en van Susan. dat heeft het volgende opgeleverd;

Feedback van­­­­­­­­­­­­ Susan aan­­ Sharon­­­­­­­­­­­­­­

Ik heb met plezier je blog gelezen, dan valt de hoeveelheid werk wat “we” verzet hebben nog meer op.






P.I.

Tip

Top

Blik naar buiten

Bijv. participeren in innovatietrajecten en betrekken relevante externen etc.

Op welke wijze worden innovatietrajecten vormgegeven en heb jij hierin ook een rol?

De rol van stake holders hebben een duidelijke plek.

Oog voor praktijk

Bijv. consequenties ontwikkelingen voor praktijk/ vertaling visie / ondersteuning collega’s/ realiteitszin etc.

Welke consequenties heeft dit scenario voor de docent en in het bijzonder de MLI er?

De rol van leerling en stake holder is duidelijk aanwezig

Seamless learning wordt duidelijk vorm gegeven.

Over de grens

Bijv. creativiteit in vormgeving, creativiteit in inhoud, denken buiten de kaders.

Het denken buiten kaders komt niet helemaal tot zijn recht, hoe zie je dit?

De SWOT in beeld is bijna mooier dan die in woorden. Mooie ondersteuning.

Fijn dat inzichtelijk is wat inderdaad belangrijk is in ons scenario namelijk de rol van stake holders en het seamless (en een leven lang)  leren. Hoe ik/wij vorm geven aan innovatietrajecten is inderdaad minder duidelijk uit mijn blog te halen. Dat komt misschien ook omdat mijn rol, door de MLI,  daarin an het veranderen is. We zitten in een reorganisatie en het streven is dat die rol van innovatie, en mijn aandeel daarin, duidelijker wordt. Het denken buiten kaders is wel duidelijk in het scenario terug te zien (neem ik aan) maar mogelijk niet in mijn eigen blog. We hebben daar als organisatie, en ikzelf misschien ook als persoon, nog wel een paar slagen te maken!


Feedback van­­­­­­­­­­­­___Wyb Schuit_aan­­­­­­­­­­­­­­­­­­­_Sharon______________






P.I.

Tip

Top

Blik naar buiten

Bijv. participeren in innovatietrajecten en betrekken relevante externen etc.

tip: ga op zoek naar goede e-learning voorbeelden die makkelijk bereikbaar zijn bij collega instituten in NL of daarbuiten. Op internet of via een mooc kun je vast wat vinden

top: delen van kennis en samen kennis creëren met de mantelzorgers.

Oog voor praktijk

Bijv. consequenties ontwikkelingen voor praktijk/ vertaling visie / ondersteuning collega’s/ realiteitszin etc.

Tip: denk aan deci en Ryan: vooral! autonomie en sociale verbondenheid in plaats van top-down. Zal het imago van Radboud ook ten goede komen.

Top: je bent je bewust van het imago van Radboud.

Over de grens

Bijv. creativiteit in vormgeving, creativiteit in inhoud, denken buiten de kaders.

Tip: van proberen kun je leren. De eerste pannenkoek mislukt altijd. Het model van evalueren, bijstellen en cyclisch ontwikkelen kan jou meer ruimte geven om (nieuwe dingen) te proberen.

Top: je kent je eigen kracht en je eigen beperkingen heel goed. Voor team|: Prachtige visualisatie, mooi concreet gemaakt. Tevens goede keuze om interactie en betrokkenheid op CD.

Vraag / vragen t.b.v. de dialoog:
Wat zouden de voordelen zijn als je voor jouw organisatie dingen laat groeien tot een (dynamische) structuur?

Bij de feedback van Wyb valt me vooral de tip op, en de vraag daarbij, wat er zou gebeuren als we eens iets organisch zouden laten groeien en gewoon met iets zouden gaan experimenteren (bijv met e-learning, zie haar eerste tip)? Dat vraag ik me ook regelmatig af ! Met betrekking tot e-learning hebben we daar nu voor gekozen; 'we gaan het gewoon doen'. Maar iets organisch laten groeien is absoluut geen sterk punt van mijn organisatie, initiatieven die kant op worden vaak in de kiem gesmoord. Toch; een waardevolle tip om in het achterhoofd te houden !
 
Susan en Wyb; bedankt voor jullie feedback!
 

woensdag 1 april 2015

Netwerk feedback gevraagd

Voor zowel quest 2 als 4 heb ik aan mijn collega Nicolai van de Woert feedback gevraagd. Nicolai is bij ons de expert als het gaat om Technology Enhanced learning.

Zijn feedback op Quest 2 (mijn eigen scenario's) kwam helaas te laat om op tijd te verwerken, de input heb ik dus anders gebruikt. Zo gaf Nicolai aan dat hij erg geïnteresseerd was in een netwerkschool met duidelijke rollen voor alle stake holders, maar dat dat op dit moment nog erg lastig was. Ik herken wel wat hij zegt; het is nog moeilijk om alle neuzen de zelfde kant op te krijgen. Die input heb ik gebruikt bij mijn SWOT. Een oplossing heb ik nog niet, we gaan nu wel met andere UMC's kijken hoe we kennis kunnen delen en een netwerk van stake holders op kunnen zetten. Nicolai gaf ook aan dat hij in ons scenario een belangrijke rol zag voor Communities of practice. Dat punt heb ik meegenomen naar onze uitwerking van het scenario in quest 4 en 5. We willen het netwerkleren en leren van elkaar in dat scenario benadrukken en als het goed is ook mooi in beeld brengen! Hoop dat dat is gelukt!

In een gesprek hebben we verschillende punten verder uitgediept. Wat me het meest opviel is dat hij aangaf (en hierbij verwees hij naar o.a. een rapport over scenario's voor het hoger Onderwijs in de UK) : Niets is zeker! Het is heel moeilijk om betrouwbare scenario's te maken omdat er zoveel factoren invloed hebben. Nou, dat is wel herkenbaar in dit LA, vind ik. Verder blijkt dat de meeste scenario's voor onderwijs in de toekomst onderbouwen dat het onderwijs én meer flexibel moet/zal worden én dat er een grotere rol is voor andere partijen, zoals private ondernemingen. Dat is ook wat wij in ons scenario hebben verwerkt, dus in die zin sluit dat mooi aan. We hebben gesproken over de groei van OER's (Open Educational resources) als een kans voor zowel de flexibilisering van het onderwijs, als het vergroten van de kwaliteit van het onderwijs. Dat was wel een mooi punt en dat heb ik als kans meegenomen in de uitwerking van mijn SWOT.

Kortom; een interessant gesprek. We zitten samen in een paar projecten waarvan er een te maken heeft met zowel het valoriseren als het open delen van onze kennis over het toetsen van voorbehouden en risicovolle handelingen. Dat klinkt tegenstrijdig, maar wij willen toch proberen beide strategieën als uitgangspunt te nemen!@ Wij zien dit als een goede manier om te bouwen aan OER's. Via een OER willen we ook de kennis landelijk delen die we in het project Mantelzorgacademie. opbouwen met MEZZO (vereniging voor vrijwilligers en mantelzorgers) en Meander MC (Amersfoort). We zijn dus actief aan de slag met OER's!

maandag 16 maart 2015

Mijn definitieve SWOT

Naar aanleiding van de laatste feedback van Eric (zie vorige week) heb ik nog wat kleien aanpassingen gedaan in mijn SWOT. Hierbij dan de definitieve versie (zonder plaatjes want die pakt het systeem niet meer). .

Quest 3 SWOT analyse voor mijn organisatie

Inleiding


In de groep hebben wij gediscussieerd over het scenario waar wij mee verder zouden willen. De meningen waren verdeeld, dat is ook wel op onze individuele blogs terug te zien bij blog 2. Iedereen   had goede argumenten waarom haar of zijn voorkeur het meest interessant was. Uiteindelijke hebben we gekozen voor het meest vooruitstrevende scenario, namelijk die waar de netwerkschool en de virtuele wereld elkaar vinden: de lerende  gaat naar de wereld en leert in ontmoeting. We denken dat we daar het meest creatief mee aan de slag kunnen gaan voor deze Challenge en dat we daar onze verschillende sectoren een plekje in kunnen vinden.

In 2030 bestaat de rol van de docent niet langer. Fysieke scholen hebben al enige jaren geleden hun deuren gesloten, het onderwijsaanbod wordt inmiddels virtueel geregeld. Een groot scala aan onderwijsvormen is hiervoor beschikbaar: MOOC’s, online learning communities, serious gaming, augumented reality etc. Dit maakt het voor de lerende mogelijk om zelf te bepalen wanneer, waar en hoe hij of zij leert (Sloep, 2014).

De persoon die het dichtste in de buurt van een docent zoals we die in 2015 kenden staat, is de leercoach. Deze persoon heeft als taak om de lerende wegwijs te maken in de steeds complexer wordende maatschappij (Metcalfe & Green, 2007).

Inzet van deze leercoach wordt mogelijk gemaakt door middel van zogenaamde leervouchers die iedere burger tot zijn beschikking heeft en door de overheid worden verstrekt. De lerende richt zo, onder begeleiding van een leercoach, een personalised learning enviroment in. Hiermee kan de lerende met aanbieders en stakeholders communiceren (Van Wetering & Desain, 2014)

Er wordt in 2030 niet langer richting eindtermen gewerkt, diploma’s bestaan niet meer. Na het afronden van een cursus, een event, een portfoliowerkstuk of na het opdoen van ervaring wordt een aantekening op het digitaal portfolio van de desbetreffende persoon gemaakt.

De eerste stappen richting deze vorm van onderwijs zijn al in 2013 gezet. De toenmalige Ecole 42 bood aan een select gezelschap kosteloze scholing aan, zonder docenten, zonder lesaanbod, zonder diploma maar met baangarantie (Ecole 42, 2013). Inmiddels, in 2030, is deze vorm van onderwijs voor iedereen van 16 jaar en ouder beschikbaar.

Strengths

Leercoach

Er is veel kennis, ervaring en enthousiasme bij het opleidingsinstituut als het gaat om ontwerpen van leertrajecten op individueel niveau. Wij zijn gewend te denken in individueel maatwerk voor lerenden: de rol van leercoach in dit scenario past hierbij.
Imago en samenwerking
Wij zijn een grote instelling met goed imago als het gaat om de inhoud van de zorg. In een netwerkschool omgeving is het belangrijk dat andere partijen met je samen willen werken en hun inhoud en kennis met je willen delen op (inter)nationaal niveau. Ons goede imago maakt het waarschijnlijk dat dit gaat gebeuren.

Innovatie in de organisatie

Er wordt binnen het Radboudumc al veel onderzoek gedaan en geïnnoveerd op gebieden zoals augmented reality in het Reshape centrum. Dat zijn ICT toepassingen die in een virtuele netwerkschool belangrijk worden. Die kennis en ervaring wordt nu al opgebouwd en is belangrijk in de virtuele netwerkschool

Weaknesses

Geen ICT structuur voor leren

We hebben nu (2015) nog geen digitale leeromgeving/LMS of E-learning. Dat betekent dat er een grote achterstand binnen de organisatie is in kennis en vaardigheden als het gaat om de inzet van ICT mogelijkheden in het onderwijs. Dat geldt niet alleen voor medewerkers van de onderwijsinstituten maar ook voor de professionals in het ziekenhuis. Om een virtuele school te realiseren zal er een enorme inhaalslag gemaakt moeten worden.

Structuur van de organisatie

De structuur van de organisatie van de organisatie is erg bureaucratisch, politiek getint en met een divisiestructuur. Dat maakt dat gezamenlijke besluitvorming over nieuwe (ICT) ontwikkelingen traag verloopt. De vraag is of we in deze structuur, en met deze besluitvorming,  in 2030 onze achterstand hebben kunnen inlopen om echt een virtuele school te kunnen worden. 

Weerstand en imago

Het Radboudumc heeft bij omliggende ziekenhuizen een 'naam':  wij weten het (volgens hen) altijd beter! Dat roept weerstand op. Tegelijktijdig hebben wij een achterstand als het gaat om ICT toepassingen in het onderwijs, dus zo goed hebben wij het niet geregeld. Deze twee factoren gecombineerd geeft een imagoprobleem dat de samenwerking in netwerken kan belemmeren.

Opportunities


Aansluiten bij de praktijk

Het samenwerken in netwerken met verschillende stake holders (in ons geval andere zorginstellingen, beroepsverenigingen, patiëntenverenigingen etc.)  leidt tot aanbod in het onderwijsinstituut dat nog beter aansluit bij de werkplek/de praktijk. Dat is een enorme kans om ons onderwijs te verbeteren.

Verschillende leermogelijkheden 

In dit scenario zijn er veel verschillende manieren van leren mogelijk. Lerenden met diverse leervoorkeuren kunnen hierdoor leren op een manier die precies bij hen past. Dat verhoogt zowel het plezier als het rendement van het leren en is daarmee echt een kans van dit scenario.

Kwaliteit van zorg

Door het leren in netwerken, waarin theorie en praktijk (inter)nationaal bij elkaar komen, kunnen lerenden ontwikkelingen in de zorg op de voet volgen. Bovendien kan het gebruik van ICT hulpmiddelen het volgen van ontwikkelingen verder faciliteren. Dat kan een positief effect hebben op de kwaliteit van de zorg en de motivatie van de lerenden.

Threats  


De rol en houding van de  zorgprofessional

De ICT geletterdheid bij (een deel van) de doelgroep is niet hoog. Er is sprake van huiver als het gaat om het gebruiken van ICT mogelijkheden en daardoor ontstaat weerstand. Daarnaast wordt weinig eigenaarschap gevoeld als het gaat om je eigen leren en ontwikkeling. Verpleegkundigen, maar ook bijvoorbeeld operatieassistenten en anaesthesie-assistenten,  nemen weinig initiatief als het gaat om hun eigen deskundigheidsbevordering en ontwikkeling. Een open houding t.a.v. ICT en meer eigenaarschap als het gaat om leren zijn essentieel om dit scenario te laten slagen.

Kennis delen

Om dit scenario te kunnen realiseren is het noodzakelijk dat stake holders met elkaar kennis gaan delen. Dit is nog niet gebruikelijk binnen onderwijs en tussen ziekenhuizen. Op dit moment zijn wij bijvoorbeeld bezig om te kijken of we binnen de umc’s kennis en producten kunnen delen, maar dat gaat nog heel langzaam. Het generen van kennis geld heeft gekost en men zou graag iets van die investering terug zien. Die houding zal het moeilijk maken om met stake holders leerinhouden te ontwerpen.

Samenwerking met stake holders

Samenwerking tussen de stakeholders  (beroepsverenigingen, zorginstellingen, patiëntenverenigingen en de overheid) is nog niet gebruikelijk. Het samen opstellen van beroepsnormen en leerinhoud,  en het bewaken van de kwaliteit van het leeraanbod zal een uitdaging worden. Alleen al het feit dat ziekenhuizen vallen onder verschillende koepels (de NVZ en de NFU) en onder verschillende ministeries (onderwijs en gezondheidszorg) kan een belemmering zijn voor samenwerking. 

Samenhang tussen factoren


Wat opvalt is dat verschillende aspecten van het imago van het Radboudumc zowel een kans als een bedreiging kunnen zijn. Persoonlijk denk ik dat we die bedreiging kunnen keren als we de rol als kenniscentrum (want dat is een umc nou eenmaal) wel op ons nemen, maar niet uitstralen dat we alles beter weten en kunnen. We moeten daarom een open de dialoog hierover aangaan met stake holders. Daar werken we op dit moment ook al bewust aan als het gaat om andere onderwerpen, zoals de mantelzorgacademie die we nu opzetten en waarvan ik projectleider ben. We doen dit samen met Meander MC en MEZZO (organisatie voor mantelzorgers en vrijwilligers).

Verder is er een tegenstelling zichtbaar tussen het feit dat we als organisatie veel kennis hebben opgebouwd (zie strengths) met behulp van algemene middelen, maar dat er tegelijkertijd veel weerstand is om deze kennis te delen met elkaar zodat de samenleving er beter van wordt (threats). Wij zijn hier nu wel de eerste stappen in aan het zetten een door ons ontwikkeld en succesvol product (deels) kosteloos te delen via Open educational resources in Nederland.

De grootste bedreiging is het feit dat we nu nog te weinig kennis en ervaring hebben met de toepassing van ICT in het onderwijs, gecombineerd met het feit dat de besluitvorming hierover bij ons enorm lang duurt. Willen we aanhaken of zelfs voorop gaan lopen zodat we dit scenario kunnen realiseren dan moeten we nu, in 2015, echt wat gaan doen hieraan. Zoals dat er nu uitziet gaat dat voorlopig niet gebeuren.

Daarnaast denk ik dat m.n. de houding van een deel van de doelgroep t.a.v. ICT toepassingen én ten aanzien van hun eigen leren en ontwikkeling een risico is. Uiteraard is moeilijk te voorspellen hoe dit is in 2030 maar als je kijkt naar de situatie op dit moment dan stemt dat niet hoopvol voor dit scenario. Als onderwijsinstituut ondernemen we nu al wel actie, samen met HR en leidinggevenden, zodat de beroepsgroep m.n. het eigenaarschap meer gaat oppakken. Ook landelijk speelt dit probleem en daar is een rol weggelegd voor beroepsorganisaties maar ook voor de HBO’s en ROC’s waar de basisopleiding plaatsvindt. De gesignaleerde kansen voor dit scenario kunnen hierbij helpen. Zorgprofessionals worden enthousiast als leren goed aansluit bij de praktijk en hun eigen werkplek én als ze zien dat dit een positief effect heeft op de kwaliteit van zorg. Die aspecten kunnen dus goed gebruikt worden om dit scenario te laten slagen.

 

donderdag 12 maart 2015

Bezoek Ixperium

Afgelopen week ben ik naar het Ixperium op de HAN geweest. Ondanks dat dit vooral gericht is op de PABO en het PO heb ik er goede ideeën opgedaan. voor meer info zie hun website.
Wat me opviel en wat ik heel sterk vind is dat ze gewoon begonnen zijn, maar een netwerk hebben gemaakt met besturen van 3 basisscholen. Daarmee hebben ze bijna al het PO in de regio erbij kunnen halen.
We hebben een korte uitleg gekregen en daarna zijn we meegegaan met een groepje PABO studenters die een klas begeleidden die op bezoek kwam. Leuk om dat enthousiasme van de kinderen te zien, m.n. als iets lukt en ze extra punten krijgen in een taalspelletje. Daarna hebben we een aantal mooie en speciale dingen gezien




een smarttable



De Swinx
Daar waar de Swinx een goedkoop en eenvoudige manier is om kinderen te stimuleren tot bewegen en leren is de Smartable een heel duur (duizenden euro's) en mooi apparaat waarmee via verschillende spelletjes kinderen van alles leren.  
Deze is het mooiste: een robot die Rubics cube kon oplossen

Ik vond mn de discussie achteraf heel interessant. We hebben het over voor-nadelen van de inzet van ICT in het onderwijs gehad, mooi in het kader van ons scenario van de virtuele school.
Voordelen zijn; het geeft mogelijkheden om onderwijs veel meer op maat te maken, waardoor je passend onderwijs aan alle kinderen kan geven. Toepassingen zoals learning analytics maken ook dat leren efficiënter kan, waardoor kinderen tijd over houden om buiten te spelen of met elkaar aan opdrachten te werken (ook heel belangrijk voor hun ontwikkeling). Nadeel van learning analytics is dat je veel data over kinderen ergens opslaat, en wie weet wat daar uiteindelijk mee gaat gebeuren? De voordelen van ICTt toepassingen ontstaan m.n. als er een combinatie gemaakt wordt in het leren tussen de technologische wereld en de ambachtelijke wereld.
Een groot nadeel van alle ICT toepassingen ontstaat als ICT 'tussen mensen in komt te staan' en het persoonlijk contact, face tot face, gaat vervangen. Daarom moet een visie van de school uitgangspunt zijn van de keuzes die je maakt over het gebruiken van ICT in het onderwijs. Hhet is ook goed om hier de tijd voor te nemen, die tijd heb je nodig om goede keuzes te maken.

woensdag 11 maart 2015

Een nieuwe SWOT

Vandaag heb ik naar aanleiding van o.a. de feedback van Eric mijn SWOT aangepast. Ik heb gekozen voor een meer creatieve insteek, en heb de verschillende aspecten meer uitgebreid besproken. Het is nog wel kort en bondig want ik vind dat dat in een SWOT wel zo hoort. Ook heb ik nog even extra gekeken naar het stuk over de samenhang tussen de factoren en dat meer aangescherpt. Hierbij mijn nieuwe versie !

woensdag 4 maart 2015

Feedbackvraag aan Eric

Hallo Eric,

Ik mag vandaag aan jou feedback vragen. Ik heb heel benieuwd wat je reactie is op mijn SWOT, is het duidelijk, begrijpelijk en voldoet die aan de eisen??
In de quest staat dat er een beschrijving van de samenhang tussen de verschillende categorieën in moet staan. Ik heb dat geprobeerd te doen om de laatste blz van de toelichting. Is dat de bedoeling denk je, als je suggesties hebt: graag!!

Alvast bedankt !!!

Quest 3: een SWOT

Vandaag begonnen met mijn SWOT. De sterktes en zwaktes van mijn organisaties als het gaat om het realiseren van het scenario; de lerenden gaat naar de wereld en leert in ontmoeting. Leuke opdracht!

Hierbij mijn eerste poging! In dit document volgt de toelichting, maar Dropbox kantelt daarin de afbeelding van de SWOT???